Kartuizerknecht Filips: slachtoffer of dader?

Op woensdag 29 april 1579 ligt de 23-jarige Filips Hendriks van Deurne ‘ter scerper examinatie’ op de pijnbank in Den Bosch. Hij wordt ervan verdacht tot een gewapende groep te behoren die in Liempde en Sint-Michielsgestel boeren opgepakt hadden om voor hen een losgeld te krijgen. In Vught zou hij tevergeefs naar de jonkers Jan Monicx en Jan Heijm gevraagd hebben om hen gevankelijk naar Weert af te voeren. Hij heeft vanochtend nog getuigen in Gestel gedreigd hun huis in brand te steken als ze tegen hem zouden getuigen. De duimschroeven brengen Filips tot een bekentenis. Eenmaal verlost van de pijnbank herroept hij zijn verklaring. Hij zegt deze ochtend niemand in Gestel bedreigd te hebben en ontkent de aantijgingen omtrent de jonkers. Hij beweert tot de andere genoemde wandaden gedwongen te zijn en doet zijn verhaal.

 

Hij is een eerzame jongeman die vanaf 1572 een tijdje in de keuken van de kartuizers van Vught gewerkt heeft en er ‘bewaerder van den koebeesten’ geweest is. Vanaf Pasen 1573 deed hij hetzelfde werk bij de kartuizers van Geertruidenberg op verzoek van hun prior. Daar werkte hij tot eind augustus van dat jaar toen de stad ingenomen werd door de Staatse troepen en het klooster verlaten werd. Vervolgens diende hij tot Halfvasten 1574 in herberg Die Sonne in Groot-Zundert. Gedurende een jaar woonde hij daarna in het Sint-Elisabethsklooster in Roggel bij Roermond. Twee jaar verbleef hij vast in het Sint-Michielsklooster in Antwerpen, waar hij weer ‘ter taeffelen’ diende, daarna nog een jaar als tijdelijke kracht. In het klooster van de cellebroeders in Leuven droeg hij in 1578 drie maanden lang het habijt, maar dat beviel niet. Vandaar aangekomen in Diest op Kerstmis 1578, werd hij gevangengenomen door kapitein Pistolet maar na drie weken vrijgelaten op voorspraak van de pater van de begijnen van Zichem. Hij verbleef enige tijd bij vrienden in Antwerpen en Turnhout, levend van de 14½ gulden die hij als cellebroeder in het pesthuis van Leuven verdiend had. Brabant achter zich latend trok hij naar Weert. Daar trad hij als palfrenier in dienst bij een luitenant.

 

Toen deze luitenant op rooftocht wilde naar de omgeving van Den Bosch, bedachten ze dat Filips goed op de hoogte was van dat gebied. Ze dwongen hem, gezeten op een paard en gewapend met een lans, mee te rijden naar Liempde, Sint-Michielsgestel en Vught. Ze hadden hem vermomd (‘bekruisd’), omdat lieden in Gestel hem zouden kunnen herkennen. Uit het huis van meester Adriaan, secretaris van Sint-Michielsgestel, nam deze bende van twaalf of dertien personen met getrokken zwaard om negen of tien uur ’s avonds enkele boeren, die daar zaten te drinken, gevankelijk mee. Hij moest twee boeren bewaken, van wie er een wist te ontsnappen. De andere leidde hij via Uden naar Weert, samen met enkele andere inwoners uit Gestel. Tevoren waren ze in Vught geweest. Hij had met enkele van zijn gezellen de wacht gehouden bij de Sint-Lambertuskerk, terwijl de anderen boeren uit Vught knevelden en gevangen namen. Ook hij, Filips, was echter in feite een gevangene van deze bende, niet een medeplichtige.

  

Al snel kon hij uit Weert ontsnappen. Met een ijzeren schop wist hij de koffer van de luitenant in diens slaapkamer op te breken. Daaruit nam hij geld, maar het was geen stelen omdat de luitenant dit verkregen had door overal boeren gevangen te nemen. Met 300 gulden op zak trok hij afgelopen week, op woensdag 22 april, om een ambacht ter hand te nemen naar Den Bosch, waar ze hem kenden. Alleen dit laatste al bewijst zijn onschuld.

 

Op vrijdag 24 april kwam hij daar aan met de bedoeling wever te worden. Hij nam voor twee dagen zijn intrek in herberg De Valck op het Hinthamereind. Daarna verbleef hij in (Den IJseren Man, herstel:) De Crabbe op de Vismarkt. Daar wilde hij met Reintken, lekenbroeder bij de Franciskanen, een stoop bier drinken, maar wegens andere bezigheden van deze lekenbroeder ging dat niet door en nam een monnik diens plaats in. Ook was hij te gast in het klooster Bazeldonk. Op de middag van 28 april was hij er in gezelschap van de brouwer en de bakker.

En daags daarna lag hij te kermen op de pijnbank. Schuldig of onschuldig? Op weg naar een gerechtelijke dwaling? De afloop kennen we niet.

Adres
Stichting Kartuizerklooster
Kasterensestraat 15
5298 NV Liempde
tel: (0411) 63 20 43
info@kartuizerklooster.nl
Winkelwagen
0 artikelen | € 0,00
»
Zoeken
»
Mijn account
»
© 2017 Stichting Kartuizerklooster
Filter